Lezing : Arjen Van Prooijen

" Verbeelding van verhalen in de hedendaagse kunst


Tijdens deze presentatie maakt u kennis met verschillende kunstwerken van gerenommeerde kunstenaars van nu. Het bijzondere is dat al deze kunstwerken een verhalende inhoud hebben. Soms betreft dat een geëngageerde aanklacht tegen een politiek systeem. ( Ai Weiwei), soms is het luchtige fictie of nepnieuws (Damien Hirst). Vaker zijn de kunstwerken ontvankelijk voor meerdere inhoudelojke interpretaties. Laat u meevoeren door deze voorbeelden van "Storytelling art".

 

De lezing vindt plaats op 14 december om 20 u

in de Kunstkoepel Academie voor Beeld,

Hospitaalstraat 15, Bilzen

Voordracht conceptuele kunst

Uiteenzetting door Arjen van Prooijen

De Griekse filosoof Plato had niet veel op met beeldende kunst. Hij vond de weergave van de werkelijkheid niet perfect genoeg. De ideale vorm bestond slecht in “de idee”. Alles wat we zien is een onvolmaakte afspiegeling daarvan. Zijn leerling Aristoteles was meer geïnteresseerd in de zichtbare wereld om hem heen. Hij vond dat nabootsing niet alleen betekent dat je de dingen weergeeft zoals je ze ziet, maar ook dat je de dingen kunt weergeven, waardoor je bepaalde aspecten overdrijft. Hij zag de kunst als een mogelijke weergave van de zichtbare wereld, maar bood daarnaast ook ruimte aan persoonlijke inbreng van de kunstenaar. Zowel de visie van Plato, als die van Aristoteles zullen in een uitgebreide inleiding aan bod komen.

We zullen zien dat de visie van Plato steeds meer vat krijgt op de kunst van de twintigste eeuw. Conceptuele kunst is dan ook de naam van een stijl in de beeldende kunst van de jaren 60 en 70. Het is kunst waarbij het concept (idee) uitgangspunt is voor een verbeelding. De stijl ontwikkelt zich onder andere uit de minimal art en kan op die manier gezien worden als het ultieme resultaat van het modernisme. Vaak was de conceptueel kunstenaar op zoek naar de grenzen van wat kunst is. Het zg. “non-object” is dan ook een weinig visuele uiting, Bovendien is schoonheid zelden een uitgangspunt. “Er is niets te zien” was de kritiek op de

kunst van de dematerialisering”. Veel kunstenaars voelden zich dan ook niet thuis bij deze radicale kunstvorm. Vooral niet wanneer het filosofische, linguïstische en intellectuele gehalte zwaar werd aangezet. Toch zit in de conceptuele kunst naar mijn idee de kern en de samenvatting van de twintigste eeuw.

Conceptueel is een relatief begrip. Ik bedoel te zeggen dat een kunstwerk in meer of mindere mate conceptueel kan zijn. Het is eigenlijk net als met het expressionisme. Een schilderij kan meer of minder expressief of expressionistisch zijn, los van de tijd (of stijl)waarin het is ontstaan.

Het is interessant om de ontwikkeling van de twintigste eeuw eens tegen het licht te houden van het relatieve begrip “conceptueel”. Op die manier kun je ontdekken dat de schilderijen van R. Magritte veel meer vanuit het concept zijn ontstaan dan die van Dali. In de hedendaagse kunst vinden we bijna altijd conceptuele aspecten. Aan de hand van afbeeldingen van kunstwerken uit de twintigste eeuw zal ik het begrip conceptualiteit toegankelijk proberen te maken. Het is voor mij een uitdaging om ook mensen die in eerste instantie weinig affiniteit hebben met moderne en hedendaagse kunst toch over de streep te trekken met mijn verhaal.

De voordracht vindt plaats in de academie.

Details over de data volgt nog.